dinsdag 11 mei 2010

Franse literatuur in het Kempisch: Zonder de vlo kannekik ni leive

Elk jaar opnieuw kiest de Rijselse literaire vereniging Zazie Mode d'Emploi een tekst van een van de leden van de OULIPO* en biedt die aan iedereen aan om er een vertaling of een of andere poëtische of ludieke variant van te maken. Dit jaar koos ik voor een vertaling in het Kempisch. Hieronder vindt u de brontekst en daarna de vertaling van Besoin de vélo van de Franse schrijver Paul Fournel. Hier kunt u zelfs de Bouwelse versie horen. Uiteraard maakte ik ook een gewone vertaling.
  • FRANS
  • Le vélo est l’école du vent. On compte deux sortes de vents cyclistes : le vent objectif et le vent relatif. Le premier est celui que fabrique la mécanique du monde et le second est l’œuvre du cycliste tout seul. Son chef-d’œuvre, pourrait-on dire, car plus il est rapide, plus le cycliste fabrique du vent.
  • Le vent du monde est celui qui nous vient de face. Contre lui, je ne connais pas d’autre remède que l’amitié et la solidarité. Le jour où vous prenez un grand vent du nord bien installé dans la pipe, rien ne vaut un camarade aux larges épaules. Vous vous faites petit derrière lui et vous attendez que ça passe. Plus précisément, vous attendez qu’il s’écarte pour vous céder le relais et aller au charbon à votre tour.
Paul Fournel, Besoin de vélo.
  • KEMPISCHE VARIANT (meer bepaald Bouwels)
  • De vlo is de school van de wind. Er zèn twieje soorten van winde age fietst : den objectieven en de relatieven wind. Den iejeste is ‘t gevolg van de mekanik van de weireld en den twiejede is het werk van de fietser zeulf. Zen miejesterwerk om zoewe te zegge want hoe rapper datemis hoe miejer wind heum fabriceert.
  • De wind van de weireld is diegene diejen ons recht in ‘t gezicht valt. Ik ken der mor iejen remede tege en das vrindschap en solidaritaat. Den dag dage ne stevige noorderwind in ei gezicht gesmakt krègt is er nikske beiter as ne kameraad met brieje schouwers. Ge mokt uw age hiejel klentjes achter heum en ge wacht tot dat het voorbaa goa. Het is te zeggen : ge wacht totdatem zen agen opzaa zet om aan te geve dage zelf de kastanjes eut ‘t vuur meugt hoale.
Pol Foernel, Zonder de vlo kannekik ni leive.
* In de sporen van Raymond Queneau en Georges Perec plegen die een ludieke vorm van literatuur op basis van zelf uitgevonden regels en beperkingen. OUvroir de LIttérature POtentielle, werkplaats voor potentiële literatuur. Bekendste voorbeeld blijft Perecs roman De Verdwijning (1969) die hij schreef zonder ook maar een enkele keer de klinker e uit zijn pen te laten vloeien. ** Paul Fournel treedt binnenkort op in Rijsel.

2 opmerkingen:

janien zei

Fantastisch toch, jouw onvervalste traduction en campinois, en dat ik ze in je onvervalste Kempisch kan beluisteren! Lekker bezig, Pol Foernel, zou een Nederlander uitroepen.

Oulipo (en ook het Collège de 'Pataphysique)leerde ik kennen op de blog van die andere Nederlander, Gerrit Komrij, enkele jaren geleden. Intrigerend.

Nog ludieke literatuur: de "überfictie" (van niet-bestaande auteurs): zie uitgeverij Doppelgänger. Maar die kende je waarschijnlijk wel ... Ik had ze net vanmorgen even van Boekendingen geretweet.

Bart Van Loo (1973) zei

überfictie, ga ik even bekijken, maar Oulipo heeft heel veel gedaan! Ik kom zeker nog op hen terug. Au revoir, Janien!