vrijdag 15 december 2017

Streuvels-blues

Enkele pictuurtjes om de herinnering vast te houden.
Meer tekst en uitleg vindt u in de blogberichten hier en daar.











donderdag 14 december 2017

Aznavour

Toen deze ochtend de naam van Charles Aznavour viel in het nieuws van France Inter schoot ik gelijk wakker. Het zal toch niet waar zijn! Na Jean d'Ormesson en Johnny Hallyday, nu le grand Charles? Maar niets bleek minder waar. Hij had gisteren voor het eerst in Bercy gezongen, op zijn 93ste, voor een vijftienduizend koppig publiek. Alleen al door het verslag in "L'Express" te lezen, raakte ik ontroerd.




maandag 11 december 2017

Da Vinci in Tongerlo


Enkele jaren geleden trok ik me er regelmatig terug om rustig te kunnen lezen en schrijven. Altijd werd ik warm ontvangen. elke keer ik iemand over de abdij van Tongerlo hoor praten, maakt een behaaglijk gevoel zich van me meester. Wat hieronder staat, wist ik dus allang, maar nu is men op zoek naar bedrijven die de restauratie van deze "halve Da Vinci" financieel willen steunen. Wat in het artikel staat klopt: destijds was het onderscheid leerling-meester niet altijd even duidelijk te trekken, zelfs Jan van Eyck had een twaalftal assistenten toen hij het Lam Gods afwerkte. Alleen was daar als het ware geen beginnen aan. Hierover kun je lang soebatten, maar wat geen voer voor discussie is: dit bijzonder waardevol werk bevindt zich gewoonweg in Tongerlo, het is onze taak om er zorg voor te dragen. Bedrijven met een kunstziel, steek uw nek en centen uit.

PS Voornemen voor 2018: me opnieuw enkele dagen terugtrekken in de schaduw van Da Vinci.

vrijdag 8 december 2017

RIP Jean d'Ormesson

Vandaag begroef Frankrijk schrijver Jean d’Ormesson. Zelf zei hij ooit (zie video) dat een schrijver niet alleen goed over zijn woorden, maar ook over zijn dood moest nadenken. Dat het een slecht idee was om op dezelfde dag als Piaf te sterven - vraag maar aan Jean Cocteau - die zou toch maar met al het licht gaan lopen. D’Ormesson verwisselde het tijdelijke met het eeuwige een dag voor Johnny Hallyday, en hoewel hij vandaag een nationale begrafenis kreeg waar president Macron een discours uitsprak, de zo geliefde schrijver stond de afgelopen dagen in de schaduw van Johnny.

Er blijven zijn romans natuurlijk, maar ik denk vandaag vooral terug aan zijn Une autre histoire de la littérature française (1997-1998) die ik met zoveel gretigheid heb verslonden. Jean d’Ormesson bevestigde me in mijn overtuiging dat eruditie en humor elkaar niet uitsluiten, dat diepe kennis en groot plezier hand in hand gaan.

Hallyday, de populaire held die intellectuelen uiteindelijk in hun armen sloten.
D’Ormesson, de even belezen als goedlachse schrijver die zo goed tot het publiek wist te spreken.
Het is een grote, maar leerzame rouw die deze week over het schoonste land ter wereld viel.






PS: Hij was ook de man die Yourcenar de Académie Française binnenloodste. Hoor en zie  hem getuigen op zijn eigen manier. Met een onuitgegeven gedicht van Yourcenar. Dat hij voordraagt. Uit het hoofd. Par coeur.

woensdag 6 december 2017

RIP Johnny

De dood van Hallyday lijkt ook Vlaanderen te beroeren. Radio 1 vroeg me om acht uur 's ochtends om een eerste reactie.  Om 13h00 mocht ik live in het VTM-journaal bij Birgit van Mol enige duiding geven. Opvallend toch dat VTM er het journaal mee opende en er tien minuten voor veil had. Thuisgekomen belde De Morgen of ik een stukje wou plegen. Dat kon ik niet weigeren. Johnny sterft maar één keer.

 Que je t’aime! J’ai un problème! On a tous quelque chose de Tenessee! Ma gueule! L’envie! Viens danser le twist!


Ach, Souvenirs, souvenirs!





Ooit mocht ik op Radio 1 een zomer lang de lof zingen van het Franse lied. Uiteraard ontbrak Hallyday niet in het rijtje. Als zelfverklaard intellectueel vond ik het toen nodig om enig ironisch grijnzen aan de dag te leggen. Gretig stapelde ik de clichés op elkaar. Ach, hoe makkelijk was het niet te lachen met de even gebruinde als gespierde zanger. Te spotten met rijmelarijen als « tu m’as donné ton corps, merci pour ton effort ». Neer te kijken op die volksmessias waarvan de beeltenis in ontelbare Franse cafés hangt. Het feest van de slechte smaak, toch?


Ik schaam me nog altijd voor die wel erg eenzijdige kijk op de zaak. En zijn oeuvre dan? Bij het schrijven van Chanson. Een gezongen geschiedenis van Frankrijk nam ik daar eindelijk echt de tijd voor. Le Pénitencier (1964), zijn versie van The House of the Rising Sun, kan moeiteloos naast het origineel staan, maar de man die Frankrijk de rock’n roll schonk, zong uiteraard vooral originele Franse nummers.

En welke! Ma gueule (1979), Quelque chose de Tennessee (1985), Gabrielle (1976), L’envie (1986) en natuurlijk Que je t’aime (1969), het lied dat zelfs zijn grootste criticasters stil krijgt. Of hoe je kunt roepen én zingen tegelijkertijd. En dicht tegen de kitsch aanleunen zonder aan bombast ten onder te gaan. Met die onverwachte, maar trefzekere beeldspraak. « Quand mon corps sur ton corps / lourd comme un cheval mort / ne sait pas, ne sait plus / s’il existe encore. » De van nature timide Hallyday wist zich als geen ander de woorden van zijn tekstschrijvers eigen te maken.

Maar zijn ware kracht ontdekte ik pas toen ik hem aan het werk zag. In een soort van ruimtevaartuig doorkruiste hij het Antwerpse sportpaleis alvorens af te dalen op het podium. Daar stond hij dan, Johnny, de farao van de Franse rock. Op 11 juni 2012 was hij bijzonder goed bij stem, hij had schitterende muzikanten bij en gaf zich helemaal. Zelden zoveel pit, puf en power op een podium gezien. Energie à volonté. Ambiance op overschot. Tienduizend kelen die Que je t’aime meebrulden. Plots kon ik me voorstellen wat voor een aardverschuiving hij in 1960 moet hebben veroorzaakt in het Frankrijk van Brel en Brassens.

Hij heeft er lang voor moeten strijden, maar vandaag omarmt zowat elke fransoos Johnny Hallyday. « Ik heb tranen met tuiten gehuild », vertelde mijn Franse schoonmoeder aan de telefoon, « alsof een stukje van mijn jeugd, van Frankrijk zelf is afgestorven ». Hoe graag was ik met haar een glas gaan drinken in een Frans volkscafé. Onder een van die foeilelijke Johnny-portretten.

------------------------------------------------------

Het Belang van Limburg belde ook met enkele vragen. Raar genoeg kwam alleen de Franse versie van het interview tot bij mij.

------------------------------------------------------
Om de Johnny-dagen af te sluiten. Omdat er een aantal mensen om vroegen.
Ik maakte een Spotify-lijst met een 20-tal nummers, een soort van "Hallyday très essentiel".



-------------------------------------------------------
Tot slot nog een pittige Que je t'aime uit 2013 met een onwaarschijnlijke bain de foule.
En beelden van een ontroerde Michel Drucker.


dinsdag 5 december 2017

SALUT LA COPINE

Verrassend avondje chanson met nachtegaal Lien Van de Kelder. Jan de Smet op vinkenslag. Jasper Hautekiet op bas (normaal gezien Wouter Berlaen). Voorwaar een aanrader voor liefhebbers die zich graag laten verrassen door onbekende pareltjes en even frisse als warme uitvoeringen.


Schoon moment: Jan de Smet die na een vinnig “ça plane pour moi” een “nieuwe snaar” moest steken.

maandag 4 december 2017

Ketters van de Kemmelberg

Ooit zag ik in Nieuwkerke een monument dat de dood van drie priesters uit 1568 in herinnering brengt: "Hier stierven voor het katholiek geloove..." Ik weet nog dat ik dacht: daar zit een roman in.

Kijk, die roman
heeft copain Koen D'haene
  nu geschreven.




vrijdag 1 december 2017

Chanson revisited

Het was twee jaar geleden, maar gisteren deed ik occasioneel nog eens mijn chanson-conférence. Het leek wel alsof de woorden verzegeld in mijn geheugen lagen. Het volstond een toverspreuk uit te spreken, en het verhaal rolde eruit alsof het gisteren was. Het publiek was in zijn nopjes, en zelf mishaagde het gebeuren me voorwaar niet. 

Het is niet de bedoeling dit weer systematisch te gaan doen, maar voor speciale gelegenheden zoals gisteren ben ik zeker bereid om die conférence nog eens op te voeren.

Enfin, bref, soit, nu weer terug naar de middeleeuwen, da’s een ander liedje.



woensdag 29 november 2017

Véronique Sanson: wat moet je luisteren?

Gisteren serveerde ik een kleine lofzang op Véronique Sanson. Dat vroeg om een selectie, dus maakte ik een Sanson-Spotify-lijst, ter lering en vermaak van zij die er zin in hebben. Luister om te beginnen gewoon naar meesterwerkjes als "Bouddha", "Le maudit" en "Bernard's song". Pas op, zeer besmettelijk. Onderschat oeuvre van een straffe madame.

maandag 27 november 2017

Kleine hommage aan Véronique Sanson

Twee weken lang zat ik ondergedoken in het Lijsternest, het huis van Stijn Streuvels. Gezeten aan zijn legendarische venster deed ik wat ik me had voorgenomen. Diep afdalen in de middeleeuwen. Jeanne d’Arc naar de brandstapel begeleiden. De hand van Jan van Eyck vasthouden bij de inhuldiging van het Lam Gods. Filips de Goede feliciteren met de langverwachte geboorte van Karel de Stoute. Tot mijn verbazing was het plots zondag, en waren de twee weken om.

(In het Streuvelshuis werkte ik aan mijn nieuwe boek, dat normaal gezien begin 2019 zal verschijnen bij de Bezige Bij.)

Zondagavond had ik een afspraak met twee vrouwen. Met de mijne, dat werd tijd. En met Véronique Sanson, dat werd ook tijd. Terwijl ik me verdiepte in het protocol van het Gulden Vlies en de menu van het huwelijk van Filips de Goede, speelde Sanson op de achtergrond. Meestal luister ik naar een zelf samengestelde Spotify-lijst “schrijfmuziek”, - voornamelijk instrumentaal materiaal - maar later op de avond mag het wat pittigere kost zijn.

Het concert was van een ontroerende schoonheid. Achtenzestig, maar de stem nog intact. De goesting ook. Wat hou ik toch van genereuze artiesten. Sanson klapt mee met het publiek, als een twaalfjarige die nog niet goed weet dat zoiets eigenlijk niet hoort. Ah bon, hoort dat niet? Zo ontwapenend! Als ze haar piano verlaat en opstaat, buigt ze voorover om haar broekspijpen naar beneden te trekken. Elegant is anders, maar hoe ontwapenend alweer, elle s’en fout! Hoe normaal kun je je op een podium gedragen? J’adore. Vooral omdat haar muziek nog steeds raakt, nog altijd rockt, blijft vibreren. “Vancouver”, krop in de keel. “Amoureuse”, de enige tremelo waar ik van hou. “Chanson sur ma drôle de vie”, dansen, nu, meteen. “Je me suis tellement manquée”. Die stem. Die piano. Die tekst. Twee kroppen in de keel. “Bernard’s song”. Allemaal in koor: "Il n'a pas de frontières /Et il n'a même pas de pays / Et il n'en a pas l'air / Mais je vous jure qu'il est bizarre / Il n'est de nulle part.” Zelfs de nummers van haar laatste plaat stonden als een huis. Bijtijds verlieten we onze zitplaatsen en gingen beneden mee dansen.

Het was zondagavond kiezen tussen Yourcenar in Brussel of Sanson in Rijsel. Ik heb geen seconde spijt gehad van mijn keuze. Met Marguerite maak ik dat zeker nog goed. En Stijn blijf ik dankbaar voor de twee vruchtbare schrijfweken.

P.S. : De platen die Sanson in de loop van de jaren ’70 in de V.S. maakte zijn redelijk indrukwekkend. Het album “Le maudit”(1974) behoort simpelweg tot de betere Franse muziek ooit. Een subtiele symbiose van rock en chanson, opgenomen met de beste Amerikaanse muzikanten - die kreeg ze aangereikt door ‘husband’ Stephen Stills. Hij was de man voor wie ze Michel Berger verliet. Ze ging een pakje sigaretten kopen, nam het vliegtuig naar Amerika en liet nooit meer van zich horen. Daar werd ze ongelukkig en schreef ze prachtige liedjes. Vergeet Barbara, vergeet Dalida... maak eerst een duik in het oeuvre van Sanson, dan kunnen we verder praten.

Drie pareltjes om er zoetjes in te komen. 


1) "Le maudit" uit 1974. Met die existentiële kreet: "Ta douleur efface ta faute". Gaat toch een beetje door merg en been. (En beeld je even in dat dit in het Engels zou zijn gezongen - instant klassieker, toch?)



2) Pittig, deze "Bouddha". Op een bepaald moment verandert haar zang in een soort van verbale wervelwind waar ritme en melodie elkaar wonderlijk in de armen vallen. Redelijk straf. "C'est comme si j'attendais quelqu'un qui me attend".




3) "Bernard's Song (il n'est de nulle part)" (1977). In plaats van Engelse hits in een Franse verpakking te serveren zoals velen van haar collega's deden, legde Sanson haar Franse liedjes in de jaren zeventig te weken in een bad van Amerikaanse muziek. "Elle rompait l'os américain, et suçait la substantique moelle", zou Rabelais zeggen, als hij muziekrecensent was geweest. Genoeg gepalaverd: luister en sta versteld van die hemelse arrangementen! (en probeer stil te blijven zitten op je stoel)




Enfin, wie meer wil, ik maakte een selectie.



maandag 20 november 2017

maandag 13 november 2017

Montand, De Gaulle en Apollinaire bij Van Gils & Gasten



Vorige week ben ik nog eens buitengekomen. En wel voor een klein eerbetoon aan Yves Montand, Charles de Gaulle en Guillaume Apollinaire. Bij Van Gils & Gasten. Als je klikt, kom je meteen bij het begin van het item.

Maar nu gaat de deur weer dicht. Ik mag twee weken resideren in Het Lijsternest. Veertien dagen in alle rust doorwerken aan het nieuwe boek. Me helemaal onderdompelen in de middeleeuwen. Mijn enige gasten zijn Jeanne d’Arc, Jacoba van Beieren, Jan van Eyck en Filips de Goede. Stijn Streuvels mag er gerust bij komen zitten.

(met grote dank aan mijn lieve vrouw die even alle familiale zorgen voor haar rekening neemt)
(met dank ook aan Passa Porta en de Provincie West-Vlaanderen)



vrijdag 10 november 2017

ECI-prijs voor "De mensengenezer"

Zo blij voor Koen Peeters. Proficiat, man! 

Afgelopen zomer las ik zijn prijswinnende roman. Wat een inspirerende zoektocht, wat een ontmoetingen… wat een taal ook! Wat een beheersing van effecten, wat een kleuren, wat een hemels, wat een gezichten, wat een wonderlijke westhoeken van de schrijverij die hij heeft uitgekamd.

De mensengenezer staat garant voor schone uren van leesplezier en bijbehorende introspectie.


 
Katrijn Van Hauwermeiren, Koen Peeters, Suzanne Holtzer
 

woensdag 8 november 2017

"Waarom Chopin de regen niet wilde horen" (Marlies de Munck)

G. Hellings, M De Munck, T. Crombez, Bibi, B. Schmelzer
G. Hellings, M. De Munck, T. Crombez, Bibi, B. Schmelzer
In het Vleeshuis mocht ik gisteren samen met Björn Schmelzer en Geert Hellings aanzitten in een gelegenheidspanel. Dat allemaal ter gelegenheid van Waarom Chopin de regen niet wilde horen van Marlies De Munck,​ die zelf ook mee discussieerde. Haar boekje is een grote aanrader: een boeiend, erg leerrijk en glashelder geschreven essay over de betekenis van muziek. Heeft muziek hoegenaamd iets te betekenen? Wat vertellen de klanken van een muziekstuk? Kan een compositie opgevat worden als een verhaal? Kunnen we met taal iets over muziek zetten of spreekt de muziek gewoon voor zichzelf?

Ik las het essay uit op de treinrit Wevelgem-Antwerpen. Je zou dan ook kunnen zeggen dat de zestig bladzijden lezen als een trein, maar daar gaat het me niet om. Wel hierom. Eigenlijk zou elke academicus om de drie-vier jaar zo’n boekje moeten schrijven: vertrekkende van een sprekende anekdote een stuk van zijn/haar onderzoek uitleggen aan een breder publiek. Dankzij uitgever Thomas Crombez (Letterwerk) kunnen onderzoekers die hun peer-reviews-artikels voor een keer links willen laten liggen alle vergaarde kennis en inzichten voortaan makkelijk delen met de geïnteresseerde lezer. 

Interesse is er ook vanuit de media: Marlies de Munck mocht onlangs aanzitten bij Interne Keuken en is zondag te gast bij Pat Donnez (Berg en Dal op Klara). Hier een recensie in Trouw.





vrijdag 3 november 2017

Centjes kopen

Soms vraag je je af waar je mee bezig bent. Drie jaar werken aan een boek. Die lange adem waar maar geen einde aan lijkt te komen. Waarom? Er is nog zoveel schaafwerk aan wat je al schreef, en er moet ook nog zoveel vers worden geschreven. Twijfel. En toch kun je niet anders dan wat het aloude spreekwoord voorschrijft: "En de boer hij ploegde voort". De ene voor na de andere. Misschien dat later die scheef getrokken voor de mooiste van allemaal zal blijken.

Op een dag zal al die twijfel, al het gesakker vergeten zijn. De dag dat het boek er is en je hopelijk beseft dat er je niets te verwijten valt. Maar dan nog kan het een slecht of minder geslaagd boek zijn, of eentje dat geen hond zal willen lezen. Toch zal je die dag het kleinood koesteren als een pasgeboren baby. Alleen lijkt die dag vandaag een kleine stip aan de horizon. Enfin, je trekt je schoenen aan en marcheert met hernieuwde moed naar dat haast onmerkbare punt in de verte. Zou Brel dan toch gelijk hebben? “Talent bestaat niet, talent is goesting hebben om iets te doen.”


(En toen kwam dochterlief mijn bureau binnen met een zak om de schouders, en zei op een toon die geen tegenspraak duldde : "Papa, ik ga centjes kopen." Ik moest lachen, maar besefte nadien pas dat ze overschot van gelijk had. Je moet blijven geloven in wat je doet, hoe onmogelijk het beoogde doel je soms ook lijkt.)

(foto is een tipje van de sluiter)