zondag 31 augustus 2008
"Een embryonale engel aan wie geen vleugels zijn gegroeid"
zondag 24 augustus 2008
Niets is wat het lijkt (1) : Goochelen met namen

donderdag 21 augustus 2008
"Het verslag van Brodeck". Donkere parabel over Goed en Kwaad van Philippe Claudel


zaterdag 16 augustus 2008
Te laat bij het nekvel. Tegenvallende Nothomb
Le nouveau Nothomb est arrivé. Haar zestiende roman ondertussen. De Franse pers, die haar de laatste jaren al wel eens een veeg uit de pan gaf, is deze keer ronduit lyrisch. Dat belooft, want een Nothomb in goede doen kan echt voor vuurwerk zorgen. Het duurt nooit lang, maar het sprankelt van jewelste. Ook De verloofde van Sado is een boek dat je op een avond uitleest. Ondanks alle Franse lof valt er helaas weinig lezersplezier te rapen in wat toevallig de tiende roman van Nothomb is die ik lees. Wat een fonkelende jubileumviering beloofde te worden, bleek een sisser van formaat.
Sinds 1992 en het indrukwekkende Hygiëne van de moordenaar presenteert Amélie Nothomb elk jaar na de zomer trouw een nieuwe literaire boreling. De kleurrijke Belgische schrijfster publiceert op het ritme van een metronoom. Met haar radde tong en niet onaardige snoetje steelt ze de show in talrijke interviews en tv-optredens waarbij ze met plezier opvallende oneliners dropt over haar pathologische schrijfdrang ("ik schrijf 3,7 romans per jaar"), haar vroegere anorexia ("ik was Buchenwald") en haar bizarre eetgewoonten ("ik eet voornamelijk rot fruit en bedorven kaas"). Nothomb ligt goed bij de kritiek, maar is vooral een onweerstaanbare publiekslieveling. (Amélie Nothomb, De verloofde van Sado, Manteau, vertaald door Marijke Arijs - Deze tekst verscheen eerder in Knack op 30 april 2005)
woensdag 6 augustus 2008
Zwaar en hels is de liefde. Verbluffende roman van Régis Jauffret
In Gekkenhuizen! sleept Régis Jauffret je halsoverkop mee in de verwarring en het verdriet van Gisèle die door haar man Damien wordt verlaten. Schoonvader François komt haar het nieuws melden. Zoonlief durft niet. Solange, de moeder van Damien, vindt later dat haar man zich niet fijnzinnig genoeg van zijn taak gekweten heeft. Ze staat erop om dan maar zelf terug te gaan, haar schoondochter weer hoop te geven en enkele weken later met een perverse zucht van wellust alle (verzonnen) hoop opnieuw de kop in te drukken. “Je denkt dat ik gek ben, en je hebt gelijk. Ik ben zijn moeder. Tegelijk met het vruchtwater heb ik mijn verstand verloren.” Jauffret veegt in dit boek inderdaad heel wat zotternij bij elkaar en trakteert de lezer op een indrukwekkende portie psychologisch ramptoerisme.